Invoegen lange combinaties risico
Invoegen met lange combinaties vraagt meer dan alleen gas geven en een gaatje zoeken. Door de lengte, het gewicht en de tragere acceleratie heb je als chauffeur minder marge om fouten te herstellen. Juist daarom is goed invoegen geen kwestie van geluk, maar van vooruitkijken, snelheid opbouwen, verkeer lezen en op tijd beslissen. Zeker met een LZV of andere lange voertuigcombinatie kan een te lage snelheid, verkeerde timing of een krappe invoegactie direct leiden tot gevaarlijke situaties voor jezelf en voor ander verkeer.
Op deze pagina lees je welke risico’s horen bij het invoegen van lange combinaties, welke verkeersregels gelden en hoe je veiliger invoegt op de snelweg, bij korte invoegstroken en op weefvakken.
Waarom invoegen met lange combinaties extra risicovol is
Het grootste verschil met een personenauto zit in de beschikbare reactieruimte. Een lange combinatie trekt langzamer op, heeft meer massa en heeft meer weg nodig om stabiel in het verkeer mee te komen. Daardoor moet je eerder beginnen met observeren en sneller bepalen waar je wilt uitkomen.
Daar komt bij dat andere weggebruikers de lengte en acceleratie van een vrachtwagen of LZV vaak verkeerd inschatten. Een automobilist denkt al snel dat je nog wel even kunt wachten, terwijl jouw invoegstrook bijna eindigt of je combinatie nog niet op veilige snelheid is. Dat vergroot het risico op hard remmen, uitwijken of invoegen onder te hoge spanning.
- Langere tijd nodig om op snelheid te komen
- Grotere dode hoeken en meer afhankelijkheid van spiegelgebruik
- Meer voertuiglengte die volledig moet invoegen
- Grotere gevolgen van een verkeerde snelheidsinschatting
- Minder uitwijkruimte bij een afgebroken invoegpoging
Heeft invoegend verkeer voorrang?
Nee. Invoegen is een bijzondere manoeuvre. Dat betekent dat jij als invoegende bestuurder voorrang moet verlenen aan verkeer op de doorgaande rijbaan. Dat geldt ook als je met een lange combinatie rijdt en meer ruimte nodig hebt.
In de praktijk maken bestuurders op de hoofdrijbaan vaak plaats door snelheid te minderen of een rijstrook op te schuiven. Dat helpt de doorstroming, maar het is geen recht waarop je mag rekenen. Voor een chauffeur van een lange combinatie is dat een belangrijk uitgangspunt: je plant je invoegactie op basis van beschikbare ruimte, niet op basis van de hoop dat anderen wel zullen wijken.
Juist omdat een lange combinatie meer tijd nodig heeft, is het slim om vroeg te scannen, de verkeersstroom te lezen en een realistisch invoegmoment te kiezen. Wachten tot het laatste moment vergroot de kans op een geforceerde actie.
De grootste risico’s bij het invoegen van een lange combinatie
Te weinig snelheid op de invoegstrook
Een veelvoorkomend risico is dat de combinatie met te weinig snelheid de doorgaande rijbaan nadert. Dan ontstaat er een groot snelheidsverschil met het overige verkeer, vooral op de snelweg. Dat dwingt achteropkomend verkeer tot remmen of uitwijken en maakt jouw invoegmoment onvoorspelbaar.
Gebruik de invoegstrook daarom om gecontroleerd op snelheid te komen, voor zover voertuig, belading, helling en verkeersdrukte dat toelaten. Met een zware of lange combinatie kost dat nu eenmaal meer tijd dan met een personenauto.
Te laat beslissen
Bij lange combinaties is twijfel extra risicovol. Als je te lang wacht met kiezen voor een plek in de verkeersstroom, kom je aan het einde van de invoegstrook in tijdnood. Dan resteert vaak alleen nog remmen, uitrollen of een geforceerde stuurbeweging. Geen van die opties is wenselijk.
Verkeerde inschatting van ruimte
Je voegt niet alleen met de trekker in, maar met de volledige voertuigcombinatie. De ruimte die voldoende lijkt, kan in werkelijkheid te kort zijn om vloeiend en veilig in te voegen zonder dat anderen fors moeten reageren.
Onvoldoende zicht en spiegelcontrole
Spiegelgebruik is bij lange combinaties cruciaal. Je moet niet alleen verkeer naast je waarnemen, maar ook snelheid, positie en intentie van andere weggebruikers lezen. Zeker bij druk verkeer kan een auto lang in een dode hoek blijven hangen. Moderne systemen zoals dodehoekdetectie en ACC kunnen ondersteunen; in de opleiding rijโondersteunende systemen (U50) leer je die hulpmiddelen effectief inzetten.
Stress bij een korte invoegstrook
Bij een korte invoegstrook heb je minder tijd om snelheid op te bouwen en een veilige opening te kiezen. Daardoor stijgt de werkdruk en neemt de kans op een verkeerde beslissing toe. Voor lange combinaties is dat een van de meest kritieke situaties.
Wat zijn de regels voor invoegen op een invoegstrook?
De basisregels zijn eenvoudig, maar de uitvoering vraagt inzicht. Je moet voorrang verlenen aan verkeer op de doorgaande rijbaan, je snelheid aanpassen aan het verkeer en duidelijk richting aangeven voordat je van rijstrook wisselt. Ook controleer je spiegels en dode hoek voordat je daadwerkelijk invoegt.
Daarnaast is het belangrijk dat je de invoegstrook functioneel gebruikt. Die strook is bedoeld om snelheid op te bouwen en een passend moment te kiezen. Te vroeg invoegen terwijl je nog te langzaam rijdt, kan juist onveiliger zijn dan iets langer doorrijden op de invoegstrook. Andersom is tot het uiterste doorrijden zonder plan ook onveilig. Het gaat dus om timing, niet om een vaste plek.
Wat als er geen ruimte is om in te voegen?
Als er geen veilige ruimte is, mag je die ruimte niet afdwingen. Dat is voor chauffeurs van lange combinaties soms frustrerend, maar veiligheid gaat voor. Blijf kijken, pas je snelheid aan en probeer aan te sluiten op een opening die wel voldoende is. In sommige situaties betekent dat dat je tempo iets verlaagt om achter een voertuig in te voegen, in plaats van ervoor.
Wat je niet wilt, is half invoegen of de combinatie in een onmogelijke positie brengen waarbij verkeer op de hoofdrijbaan moet remmen om een botsing te voorkomen. Juist met een lange combinatie is vloeiend invoegen veiliger dan forceren. Zie je al vroeg dat het druk is, begin dan eerder met observeren en stem je snelheid af op een realistische opening.
Veilig invoegen met een vrachtwagen of LZV
De vraag “wat zijn de regels voor het invoegen van een vrachtwagen op de snelweg?” wordt vaak gesteld, maar juridisch zijn de basisregels hetzelfde: invoegend verkeer verleent voorrang. Het verschil zit vooral in de uitvoering. Een vrachtwagen of LZV heeft meer tijd nodig, reageert anders op gas en belading en vraagt meer aandacht voor voertuiggedrag.
Bij een LZV spelen bovendien extra factoren mee, zoals totale lengte, stabiliteit en de invloed van belading op acceleratie en remgedrag. Daarom is veilig invoegen sterk afhankelijk van anticiperend rijden; de module rijoptimalisatie (W02) behandelt onder meer risicoperceptie en timing. Wie meer wil weten over CEโcombinaties en hun eigenschappen, ziet ook hoe type, lengte en draaipunt het rijgedrag beรฏnvloeden.
- Lees de verkeersstroom al voordat je op de invoegstrook zit
- Kies tijdig of je voor of achter een voertuig wilt invoegen
- Bouw snelheid gecontroleerd op
- Houd de combinatie stabiel en vermijd abrupte stuuracties
- Blijf spiegels en dode hoek actief controleren
- Geef duidelijk richting aan voordat je verplaatst
Korte invoegstrook: hier gaat het vaak mis
Op een korte invoegstrook heb je minder afstand om de combinatie op snelheid te krijgen. Dat betekent dat de situatie sneller “dichtloopt”. Voor lange combinaties is dat extra lastig, omdat je minder speelruimte hebt om een verkeerde keuze nog te herstellen.
De belangrijkste fout is wachten alsof je op een normale, langere invoegstrook rijdt. Daardoor kom je te laat tot actie. Kijk bij een korte invoegstrook dus nog eerder vooruit, bepaal sneller waar je wilt uitkomen en stem je snelheid daar direct op af. Als de ruimte ervoor ontbreekt, kan invoegen achter een voertuig veiliger zijn dan proberen nog naar voren te komen.
Weefvakken en gelijktijdig in- en uitvoegen
Een weefvak vraagt extra alertheid, zeker met lange combinaties. Hier komt verkeer samen dat wil invoegen en verkeer dat juist wil uitvoegen. De ruimte is beperkt en de bewegingen van andere weggebruikers zijn minder voorspelbaar dan op een gewone invoegstrook.
Voor chauffeurs van lange combinaties ligt het risico vooral in de combinatie van lengte, beperkte acceleratie en minder marge voor snelle koerswijzigingen. Je moet daarom niet alleen jouw eigen plek bepalen, maar ook vroeg herkennen welke voertuigen waarschijnlijk gaan wisselen van rijstrook. Duidelijke richting, constante snelheid en vroegtijdige observatie zijn hier belangrijker dan laat nog een opening forceren.
Praktische aanpak voor veilig invoegen
- Kijk vroeg vooruit en lees de verkeersstroom op de doorgaande rijbaan.
- Bepaal tijdig of je voor of achter een voertuig wilt invoegen.
- Gebruik de invoegstrook om snelheid op te bouwen die past bij het verkeer.
- Controleer binnenspiegel, buitenspiegels en dode hoek.
- Geef richting aan voordat je daadwerkelijk naar links beweegt.
- Voeg vloeiend in zonder abrupt remmen of sturen.
- Blijf na het invoegen controleren of de volledige combinatie veilig is aangesloten.
Veelgemaakte fouten bij invoegen met lange combinaties
- Te langzaam de invoegstrook oprijden
- Te vroeg willen invoegen zonder passende snelheid
- Te lang wachten en aan het eind pas een gat zoeken
- Ervan uitgaan dat verkeer op de hoofdrijbaan wel ruimte maakt
- Onvoldoende spiegelcontrole vlak voor het invoegen
- De lengte van de combinatie onderschatten
- Bij drukte een opening afdwingen in plaats van aanpassen
Wanneer training echt verschil maakt
Invoegen met lange combinaties is een praktijkvaardigheid waarin voertuigbeheersing, verkeersinzicht en routelezen samenkomen. Zeker bij LZV’s gaat het niet alleen om de verkeersregel, maar om het veilig toepassen ervan in realistische situaties. Denk aan variatie in belading, druk verkeer, korte invoegstroken, weefvakken en het gedrag van andere weggebruikers.
Wie zich verder wil ontwikkelen in veilig en beheerst rijden met langere en zwaardere voertuigcombinaties, kan zich verdiepen in een praktijkgerichte CEโopleiding: rijden met aanhanger/oplegger. Rijd je (of ga je rijden) met een LZV, dan sluit de opleiding voor LZVโchauffeurs goed aan op de extra lengte en massa. Voor merk- en voertuigspecifieke vaardigheden in snelwegverkeer is er de DAF Driver Training (W01).
Veelgestelde vragen over invoegen met lange combinaties
Wat zijn de regels voor invoegen op een invoegstrook?
Je verleent voorrang aan verkeer op de doorgaande rijbaan, past je snelheid aan, controleert spiegels en dode hoek en geeft richting aan voordat je invoegt.
Wat als er geen ruimte is om in te voegen?
Dan mag je de ruimte niet afdwingen. Je past je snelheid aan en zoekt een veilige opening, bijvoorbeeld achter een voertuig in plaats van ervoor.
Heeft invoegend verkeer voorrang?
Nee. Invoegen is een bijzondere manoeuvre. Verkeer op de doorgaande rijbaan heeft voorrang.
Wat zijn de regels voor het invoegen van een vrachtwagen op de snelweg?
De verkeersregels zijn in de basis gelijk aan die voor andere voertuigen, maar door lengte, gewicht en tragere acceleratie vraagt de uitvoering meer vooruitkijken, meer ruimte en een nauwkeuriger snelheidsinschatting.
Mag je de hele invoegstrook gebruiken?
Ja, zolang je die strook gebruikt om veilig snelheid op te bouwen en een geschikt invoegmoment te kiezen. Wachten zonder plan tot het laatste stukje is niet verstandig.
Waarom is invoegen met een LZV lastiger dan met een gewone vrachtwagen?
Een LZV is langer en vraagt nog meer aandacht voor ruimte, stabiliteit, voertuiggedrag en het volledig veilig laten aansluiten van de combinatie op de verkeersstroom.
Invoegen met lange combinaties vraagt meer dan alleen gas geven en een gaatje zoeken. Door de lengte, het gewicht en de tragere acceleratie heb je als chauffeur minder marge om fouten te herstellen. Juist daarom is goed invoegen geen kwestie van geluk, maar van vooruitkijken, snelheid opbouwen, verkeer lezen en op tijd beslissen. Zeker met een LZV of andere lange voertuigcombinatie kan een te lage snelheid, verkeerde timing of een krappe invoegactie direct leiden tot gevaarlijke situaties voor jezelf en voor ander verkeer.
Op deze pagina lees je welke risico’s horen bij het invoegen van lange combinaties, welke verkeersregels gelden en hoe je veiliger invoegt op de snelweg, bij korte invoegstroken en op weefvakken.
Waarom invoegen met lange combinaties extra risicovol is
Het grootste verschil met een personenauto zit in de beschikbare reactieruimte. Een lange combinatie trekt langzamer op, heeft meer massa en heeft meer weg nodig om stabiel in het verkeer mee te komen. Daardoor moet je eerder beginnen met observeren en sneller bepalen waar je wilt uitkomen.
Daar komt bij dat andere weggebruikers de lengte en acceleratie van een vrachtwagen of LZV vaak verkeerd inschatten. Een automobilist denkt al snel dat je nog wel even kunt wachten, terwijl jouw invoegstrook bijna eindigt of je combinatie nog niet op veilige snelheid is. Dat vergroot het risico op hard remmen, uitwijken of invoegen onder te hoge spanning.
- Langere tijd nodig om op snelheid te komen
- Grotere dode hoeken en meer afhankelijkheid van spiegelgebruik
- Meer voertuiglengte die volledig moet invoegen
- Grotere gevolgen van een verkeerde snelheidsinschatting
- Minder uitwijkruimte bij een afgebroken invoegpoging
Heeft invoegend verkeer voorrang?
Nee. Invoegen is een bijzondere manoeuvre. Dat betekent dat jij als invoegende bestuurder voorrang moet verlenen aan verkeer op de doorgaande rijbaan. Dat geldt ook als je met een lange combinatie rijdt en meer ruimte nodig hebt.
In de praktijk maken bestuurders op de hoofdrijbaan vaak plaats door snelheid te minderen of een rijstrook op te schuiven. Dat helpt de doorstroming, maar het is geen recht waarop je mag rekenen. Voor een chauffeur van een lange combinatie is dat een belangrijk uitgangspunt: je plant je invoegactie op basis van beschikbare ruimte, niet op basis van de hoop dat anderen wel zullen wijken.
Juist omdat een lange combinatie meer tijd nodig heeft, is het slim om vroeg te scannen, de verkeersstroom te lezen en een realistisch invoegmoment te kiezen. Wachten tot het laatste moment vergroot de kans op een geforceerde actie.
De grootste risico’s bij het invoegen van een lange combinatie
Te weinig snelheid op de invoegstrook
Een veelvoorkomend risico is dat de combinatie met te weinig snelheid de doorgaande rijbaan nadert. Dan ontstaat er een groot snelheidsverschil met het overige verkeer, vooral op de snelweg. Dat dwingt achteropkomend verkeer tot remmen of uitwijken en maakt jouw invoegmoment onvoorspelbaar.
Gebruik de invoegstrook daarom om gecontroleerd op snelheid te komen, voor zover voertuig, belading, helling en verkeersdrukte dat toelaten. Met een zware of lange combinatie kost dat nu eenmaal meer tijd dan met een personenauto.
Te laat beslissen
Bij lange combinaties is twijfel extra risicovol. Als je te lang wacht met kiezen voor een plek in de verkeersstroom, kom je aan het einde van de invoegstrook in tijdnood. Dan resteert vaak alleen nog remmen, uitrollen of een geforceerde stuurbeweging. Geen van die opties is wenselijk.
Verkeerde inschatting van ruimte
Je voegt niet alleen met de trekker in, maar met de volledige voertuigcombinatie. De ruimte die voldoende lijkt, kan in werkelijkheid te kort zijn om vloeiend en veilig in te voegen zonder dat anderen fors moeten reageren.
Onvoldoende zicht en spiegelcontrole
Spiegelgebruik is bij lange combinaties cruciaal. Je moet niet alleen verkeer naast je waarnemen, maar ook snelheid, positie en intentie van andere weggebruikers lezen. Zeker bij druk verkeer kan een auto lang in een dode hoek blijven hangen. Moderne systemen zoals dodehoekdetectie en ACC kunnen ondersteunen; in de opleiding rijโondersteunende systemen (U50) leer je die hulpmiddelen effectief inzetten.
Stress bij een korte invoegstrook
Bij een korte invoegstrook heb je minder tijd om snelheid op te bouwen en een veilige opening te kiezen. Daardoor stijgt de werkdruk en neemt de kans op een verkeerde beslissing toe. Voor lange combinaties is dat een van de meest kritieke situaties.
Wat zijn de regels voor invoegen op een invoegstrook?
De basisregels zijn eenvoudig, maar de uitvoering vraagt inzicht. Je moet voorrang verlenen aan verkeer op de doorgaande rijbaan, je snelheid aanpassen aan het verkeer en duidelijk richting aangeven voordat je van rijstrook wisselt. Ook controleer je spiegels en dode hoek voordat je daadwerkelijk invoegt.
Daarnaast is het belangrijk dat je de invoegstrook functioneel gebruikt. Die strook is bedoeld om snelheid op te bouwen en een passend moment te kiezen. Te vroeg invoegen terwijl je nog te langzaam rijdt, kan juist onveiliger zijn dan iets langer doorrijden op de invoegstrook. Andersom is tot het uiterste doorrijden zonder plan ook onveilig. Het gaat dus om timing, niet om een vaste plek.
Wat als er geen ruimte is om in te voegen?
Als er geen veilige ruimte is, mag je die ruimte niet afdwingen. Dat is voor chauffeurs van lange combinaties soms frustrerend, maar veiligheid gaat voor. Blijf kijken, pas je snelheid aan en probeer aan te sluiten op een opening die wel voldoende is. In sommige situaties betekent dat dat je tempo iets verlaagt om achter een voertuig in te voegen, in plaats van ervoor.
Wat je niet wilt, is half invoegen of de combinatie in een onmogelijke positie brengen waarbij verkeer op de hoofdrijbaan moet remmen om een botsing te voorkomen. Juist met een lange combinatie is vloeiend invoegen veiliger dan forceren. Zie je al vroeg dat het druk is, begin dan eerder met observeren en stem je snelheid af op een realistische opening.
Veilig invoegen met een vrachtwagen of LZV
De vraag “wat zijn de regels voor het invoegen van een vrachtwagen op de snelweg?” wordt vaak gesteld, maar juridisch zijn de basisregels hetzelfde: invoegend verkeer verleent voorrang. Het verschil zit vooral in de uitvoering. Een vrachtwagen of LZV heeft meer tijd nodig, reageert anders op gas en belading en vraagt meer aandacht voor voertuiggedrag.
Bij een LZV spelen bovendien extra factoren mee, zoals totale lengte, stabiliteit en de invloed van belading op acceleratie en remgedrag. Daarom is veilig invoegen sterk afhankelijk van anticiperend rijden; de module rijoptimalisatie (W02) behandelt onder meer risicoperceptie en timing. Wie meer wil weten over CEโcombinaties en hun eigenschappen, ziet ook hoe type, lengte en draaipunt het rijgedrag beรฏnvloeden.
- Lees de verkeersstroom al voordat je op de invoegstrook zit
- Kies tijdig of je voor of achter een voertuig wilt invoegen
- Bouw snelheid gecontroleerd op
- Houd de combinatie stabiel en vermijd abrupte stuuracties
- Blijf spiegels en dode hoek actief controleren
- Geef duidelijk richting aan voordat je verplaatst
Korte invoegstrook: hier gaat het vaak mis
Op een korte invoegstrook heb je minder afstand om de combinatie op snelheid te krijgen. Dat betekent dat de situatie sneller “dichtloopt”. Voor lange combinaties is dat extra lastig, omdat je minder speelruimte hebt om een verkeerde keuze nog te herstellen.
De belangrijkste fout is wachten alsof je op een normale, langere invoegstrook rijdt. Daardoor kom je te laat tot actie. Kijk bij een korte invoegstrook dus nog eerder vooruit, bepaal sneller waar je wilt uitkomen en stem je snelheid daar direct op af. Als de ruimte ervoor ontbreekt, kan invoegen achter een voertuig veiliger zijn dan proberen nog naar voren te komen.
Weefvakken en gelijktijdig in- en uitvoegen
Een weefvak vraagt extra alertheid, zeker met lange combinaties. Hier komt verkeer samen dat wil invoegen en verkeer dat juist wil uitvoegen. De ruimte is beperkt en de bewegingen van andere weggebruikers zijn minder voorspelbaar dan op een gewone invoegstrook.
Voor chauffeurs van lange combinaties ligt het risico vooral in de combinatie van lengte, beperkte acceleratie en minder marge voor snelle koerswijzigingen. Je moet daarom niet alleen jouw eigen plek bepalen, maar ook vroeg herkennen welke voertuigen waarschijnlijk gaan wisselen van rijstrook. Duidelijke richting, constante snelheid en vroegtijdige observatie zijn hier belangrijker dan laat nog een opening forceren.
Praktische aanpak voor veilig invoegen
- Kijk vroeg vooruit en lees de verkeersstroom op de doorgaande rijbaan.
- Bepaal tijdig of je voor of achter een voertuig wilt invoegen.
- Gebruik de invoegstrook om snelheid op te bouwen die past bij het verkeer.
- Controleer binnenspiegel, buitenspiegels en dode hoek.
- Geef richting aan voordat je daadwerkelijk naar links beweegt.
- Voeg vloeiend in zonder abrupt remmen of sturen.
- Blijf na het invoegen controleren of de volledige combinatie veilig is aangesloten.
Veelgemaakte fouten bij invoegen met lange combinaties
- Te langzaam de invoegstrook oprijden
- Te vroeg willen invoegen zonder passende snelheid
- Te lang wachten en aan het eind pas een gat zoeken
- Ervan uitgaan dat verkeer op de hoofdrijbaan wel ruimte maakt
- Onvoldoende spiegelcontrole vlak voor het invoegen
- De lengte van de combinatie onderschatten
- Bij drukte een opening afdwingen in plaats van aanpassen
Wanneer training echt verschil maakt
Invoegen met lange combinaties is een praktijkvaardigheid waarin voertuigbeheersing, verkeersinzicht en routelezen samenkomen. Zeker bij LZV’s gaat het niet alleen om de verkeersregel, maar om het veilig toepassen ervan in realistische situaties. Denk aan variatie in belading, druk verkeer, korte invoegstroken, weefvakken en het gedrag van andere weggebruikers.
Wie zich verder wil ontwikkelen in veilig en beheerst rijden met langere en zwaardere voertuigcombinaties, kan zich verdiepen in een praktijkgerichte CEโopleiding: rijden met aanhanger/oplegger. Rijd je (of ga je rijden) met een LZV, dan sluit de opleiding voor LZVโchauffeurs goed aan op de extra lengte en massa. Voor merk- en voertuigspecifieke vaardigheden in snelwegverkeer is er de DAF Driver Training (W01).
Veelgestelde vragen over invoegen met lange combinaties
Wat zijn de regels voor invoegen op een invoegstrook?
Je verleent voorrang aan verkeer op de doorgaande rijbaan, past je snelheid aan, controleert spiegels en dode hoek en geeft richting aan voordat je invoegt.
Wat als er geen ruimte is om in te voegen?
Dan mag je de ruimte niet afdwingen. Je past je snelheid aan en zoekt een veilige opening, bijvoorbeeld achter een voertuig in plaats van ervoor.
Heeft invoegend verkeer voorrang?
Nee. Invoegen is een bijzondere manoeuvre. Verkeer op de doorgaande rijbaan heeft voorrang.
Wat zijn de regels voor het invoegen van een vrachtwagen op de snelweg?
De verkeersregels zijn in de basis gelijk aan die voor andere voertuigen, maar door lengte, gewicht en tragere acceleratie vraagt de uitvoering meer vooruitkijken, meer ruimte en een nauwkeuriger snelheidsinschatting.
Mag je de hele invoegstrook gebruiken?
Ja, zolang je die strook gebruikt om veilig snelheid op te bouwen en een geschikt invoegmoment te kiezen. Wachten zonder plan tot het laatste stukje is niet verstandig.
Waarom is invoegen met een LZV lastiger dan met een gewone vrachtwagen?
Een LZV is langer en vraagt nog meer aandacht voor ruimte, stabiliteit, voertuiggedrag en het volledig veilig laten aansluiten van de combinatie op de verkeersstroom.
